Tolken en schakelen tussen twee werelden
U vertegenwoordigt burgers richting bestuur als u
maatschappelijke signalen doorgeeft. U agendeert bijvoorbeeld
parkeeroverlast. Dat kan leiden tot een andere aanpak of extra
maatregelen. Maar het kan ook andersom: u vertegenwoordigt het
gemeentebestuur naar buiten toe. Bijvoorbeeld om tekst en uitleg te
geven bij genomen besluiten over een bezuiniging op het
accommodatiebeleid. Raadsleden die deze spil- en
tolkfunctie waar willen maken, kunnen nagaan welk gedrag daar
het beste bij past.
Wat zegt u tegen de groep wijkbewoners die zich met hand en tand
verzet tegen de komst van een jongerenontmoetingsplaats in en
tussen het wijkgroen:
- Ik zal mijn best doen u te verlossen van dit onzalige voornemen
van de gemeente?
(in dit geval praat u de bewoners naar de mond)
- Vindt u ook niet dat dit een goed bewijs is dat de gemeente
helemaal niet naar u luistert?
(u legt de bewoners iets in de mond)
- De jongeren moeten óók een plek hebben om te recreëren en
plezier te maken en ik zal u uitleggen waarom…
(u communiceert vooral uw eigen standpunt)
- Wat maakt dat u hier stellig tegen bent? Wat weegt zwaarder: de
spreiding van allerlei groepjes door de wijk en mogelijk overlast
op verschillende plekken of een meer georganiseerde concentratie?
Mijn fractie wil graag weten…..(u stuurt op ideeën- en
belangeninventarisatie).
Raadspraat in diverse smaken en kleuren kortom.
Wat heeft uw voorkeur? Welke past het beste bij u? En welke past
het beste bij de plek die de raad inneemt in de besluitvorming?